De goojkamer.

Ineens schiet ’t door mijn hoofd ‘goojkamer’. Misschien omdat ik net lees dat Witteman alleen in tranen komt door Bach, of omdat de zon net een richeltje opschuift vanonder het gordijn.

Want zijdelings ben ik de dag al door aan te nemen. ’t Zet me erbij stil dat ik ruimschoots voor tijd al begin te plannen. De stadstunnel ligt overhoop dus hoe kom ik het beste bij mijn accountant! Ik moet ook nog tanken, ‘voor of na de accountant’. Belangrijk, want dat bepaald de route in belangrijke mate. Homo economicus. Niet vanwege het geld maar vanwege de tijd.

Het zal niet zo druk zijn op de snelweg en ik wil niet te  vroeg komen in Sittard. Waar ik dan weer nodeloos moet wachten.

Anki Raemaekers 001Tijd. Het is niet anders, maar die schuift ook steeds verder door. Zat ik 52 jaar geleden nog op een afgedankt stoeltje in de schuur van de buren de kat in bedwang te houden, zit ik nu weemoedig te denken aan het stille erf in een net zo stralende zon.

Ik moet ook nog boodschappen doen en het is Goede vrijdag. ‘Zal de tijd weer even stil staan om drie uur’ of is dat tegenwoordig niet meer?

Als de dag van gisteren voel ik een ruwe werkhand mijn kleine vingers omvatten. Met een bijzondere statigheid wordt ik weggevoerd van mijn keukentje in het zand. We gaan naar ‘de goojkamer’ want het is bijna drie uur.

Het zegt me eigenlijk niets, dat tijdstip op deze gewone dag. Maar uit de plechtigheid waarmee Frits me aankijkt, begrijp ik. Dit is iets bijzonders.

Ik ben er nooit geweest, deze kant van het huis. De voorkant, die altijd in de schaduw ligt en waar de rolluiken zelden opgetrokken zijn. De schuifdeuren ensuite glijden geruisloos op een kier en het glas in lood werpt kleurige vlekken in een vrij statige maar duistere kamer. De fijne haren op mijn armen tinkelen omhoog en een huiver trekt door mijn zonnige jurk. Het is kil alsof de familie hier nooit is geweest.

Omzichtig trekt Frits de rolluiken omhoog, alsof hij niemand wakker wil maken. Het statige meubilair kijkt stilletjes terug, behalve de prominent aanwezige klok. Hard tikt hij de minuten weg, zoals een trouw familiestuk betaamt.

Met zijn wijsvinger voor zijn tuitende lippen nodigt Frits me met een hoofdgebaar uit aan tafel. Wit onbevlekt kantwerk ligt onder mijn wriemelende handen en de grote wijzer wijst bijna op de twaalf.

Ssssttt……de zon wiegt voorzichtig de ritselende schaduwen op de verder kale muur en de hond blaft. Ver weg, daar op dat zonnige erf.

Advertisements

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s